1. Kies diervriendelijke planten en bloemen 

Sommige planten en bloemen zijn giftig voor katten. Als je kat van een giftige plant eet, kan dit leiden tot lusteloosheid, huidirritatie, ernstige diarree of een verminderde eetlust. Lelies, azalea's, oleander en nog wat plantensoorten kunnen problematisch zijn. Gelukkig smaken planten en bloemen vrij bitter. Kieskeurige katten gaan er dus niet meteen van proeven. Maar kittens en nieuwsgierige katten hou je best wél in de gaten. Twijfel je of je een plant in huis mag zetten? Vraag je dierenarts om raad.


Cat sniffing flowers.

2. Haal "gevaarlijke" voorwerpen weg 

Je kat stoot tijdens het spelen per ongeluk een dure vaas van je kast. Dat wil je liever niet meemaken. Om eerlijk te zijn: katten hebben weinig verstand van geld. Toch is het makkelijker om breekbare dingen buiten katbereik te zetten dan haar het concept van geld uit te leggen. Ook alles wat je kat makkelijk in haar mond kan stoppen, doe je beter weg. Denk aan haarrekkertjes, paperclips of elastiekjes. Hetzelfde geldt voor gevaarlijke voorwerpen zoals medicatie, bestrijdingsmiddelen of schoonmaakproducten. Die berg je uiteraard veilig op.

3. Zorg voor kattenmeubels

Cat scratching a scratching post.
Katten houden van krabben. Ze zien het als een manier om hun territorium af te bakenen én het onderhoudt hun nagels. Bied dus beter zelf wat krabmogelijkheden aan voordat je kat haar nageltjes in je meubels zet. Krabpalen, -torens of -plankjes zijn ideaal. Bovendien kan je kat zich zo ook nog eens helemaal uitrekken - heerrrrrlijk! 

4. Voorzie verschillende eetlocaties

Katten kiezen liefst zelf waar en wanneer ze eten. Daarom voorzie je best genoeg eetlocaties. Wij passen de regel ‘n+1’ eetplekken toe. Als je 2 katten hebt, kan je dus beter op 3 verschillende locaties een kommetje zetten. Dit werkt trouwens ook bij moeilijke eters. Je kat kan dan zelf beslissen welke plek ze veilig vindt om er te eten of te drinken.

Cat eating Edgard&Cooper kibbles.

5. Zet verschillende kattenbakken

Dezelfde ‘n+1’ regel voor eetlocaties geldt ook voor kattenbakken. De meeste katten hebben liefst een eigen kattenbak voor hun grote boodschap. Zet de bakken bij voorkeur op redelijke afstand van elkaar. En niet (te) dicht bij de eetkommetjes. Ons toilet staat toch ook niet in de keuken?

Dáárom vinden katten onze voeding buitengewoon lekker.
Ontdek het nu →

6. Plaats vliegenramen

Zon, zon en nog eens zon. Katten zijn er zot van. Ze nestelen zich graag op de vensterbank om optimaal van het zonnetje te genieten. Als je hoog woont, is het een goed plan om veiligheidsnetten te plaatsen voor elk raam. Want katten hebben echt geen 9 levens! Check of de netten goed vastzitten en geen scheurtjes hebben. Om 100% op veilig te spelen, kan je zelfs speciale kattenschermen kopen.

7. Doe zoveel mogelijk toe 

Naast je ramen zijn er nóg enkele plekken in huis waar je rekening mee moet houden. Katten houden ervan om op warme plaatsen te zitten. De vaatwasser, de wasmachine en de droger hou je dus best gesloten. En het toilet is een plek waar katten al eens durven komen drinken. Vergeet dus het deksel niet naar beneden te doen. 

Cat with Edgard & Cooper food.

Heb jij alle tips afgevinkt? Dan is jouw huis zo goed als katproof. Er ontbreekt nog één dingetje: overheerlijk eten natuurlijk. Verwen je kat met onze brokjes boordevol vers vlees of verse vis. Ook onze natte voeding maakt je kleine pluizenbol heel gelukkig. Geef eten dat goed voelt!